Proclamatie

Proclamatie Prins Robert d'n 1e

Ik, prins Robert den 1e, heerser van de Vinkenlaan tot aan het  Maaswaalkanaal en van de Lierseweg tot aan de Hatertseweg , alles gelegen in het mooie  Dwarsliggersrijk.

Proclameer en installeer:

Afstammeling van het geslacht Langes. Opgegroeid in Malden aan de Kroonsingel .
Al 21 jaar samen met Elise en  wonende met onze 3 kinderen Fae Tatum en Syl aan de Vinkenlaan in Malden .
Vanaf nu de scepter zwaaiende over het Dwarsliggersrijk en heerser van onze residentie Maldensteijn.

Als opvolger van prins Theo de vierde aanvaard ik mijn taak als prins der Dwarsliggers.

Om mijn taak als Prins der Dwarsliggers  goed te kunnen verrichten, staan mij ter zijde;

Mijn adjudant Leon;
Mijn hofdames Anne en Merel;
President Remco

Verder word ik bijgestaan door het Bestuur, mijn Raad van Elf en dansgarde.
Mijn raad van elf bestaande uit:
Rob ut Lang End
Wouter de Wegpiraat
Tiny de Pottenbakker
Mathieu de Houtworm
Willy de Zwijger
Gert Jan de Steendraaier
Ton Willem de Zandschepper
Hemmie de Kampeerder
Loet de Tapper
Roel het Lichtpuntje
Jacky de Duiker
Jeroen de Deuntjes Jockey
Tonny de Blokker
Jan van de Elshof
Ronnie de Aardbei
Mario de Snoeier
Berry de Bergfietser
Marc ‘t Kersje
Marc de Prikker
Sem de Computerreus

Ten eerste

Ben ik ongelofelijk trots en blij dat ik op 17-11-2018 verkozen word tot prins van het Dwarsliggersrijk.

Ten tweede

Prins Robert de 1 en kabinet zullen er alles aan doen voor een fantastisch en gezellig seizoen.

Ten derde

Dat iedereen van de Dwarsliggers zijn beste beentje voor zal zetten om een mooi Carnaval te vieren.

Ten vierde

Drinken en feesten zullen wij doen, maar wel graag met fatsoen.

Ten vijfde

Met een grote lach, veel plezier en lol houden wij het dit seizoen wel  vol.

Ten zesde

Dat alle glazen vol moeten blijven en lege direct gevuld moeten worden.

Ten zevende

Dat Carnaval een fijn feest is. Bezwaren moeten in het klachtenboek, dat tijdens de Carnaval niet te vinden is.

Ten achtste

Het is de bedoeling dat iedereen uit zijn dak gaat en dat er niemand aan de kant staat.

Ten negende

Voor ons in niks te dol, we maken veel plezier en hebben samen veel lol.

Ten tiende

We gaan door tot ’s avonds laat en de volgende dag staan wij weer op tijd paraat.

Ten elfde

Kom je thuis in de laten uren, doe zachtjes en denk aan de buren.

Mijn lijfspreuk voor deze carnaval luidt:

Carnaval vier je niet alleen maar met alle mensen om je heen.